‘Een happy detective op zoek naar contact’
uit een interview met Jaap van Zweden door Koen van Boxem van dagblad De Tijd. 
Fotografie: Brecht van Male

Onlangs dirigeerde Jaap van Zweden het Antwerp Symphony Orchestra. In het interview dat hij achteraf gaf met Koen van Boxem, van De Tijd, vertelt hij onder andere over zijn ervaringen met Benjamin en Stichting Papageno.

.....Jaap van Zwedens derde zoon Benjamin heeft autisme. Met zijn vrouw Aaltje van Buuren, ze hebben vier kinderen, richtte hij Stichting Papageno op, die onder andere met muziektherapie kinderen en jongeren met autisme helpt.

2021 02 27 Jaap van Zweden interview2“Benjamin sprak tot zijn zesde geen woord. Niets. Mijn vrouw en ik zongen liedjes voor hem. ‘Kortjakje’ en zo. Op een dag vergat mijn vrouw het laatste woord te zingen. Benjamin was in alle staten. Boos. Toen dachten wij: hey, hij begrijpt ons wel. We zongen het opnieuw en hielden onze hand op onze mond bij het laatste woord. Hij werd weer kwaad. Toen wisten we: we hebben hem. We zeiden: ‘Benjamin, we zingen het liedje op voorwaarde dat jij het laatste woord zegt.’ En dat deed hij. Zo zijn we stap voor stap verder gegaan. Een woord, twee woorden, drie woorden. Nu spreekt hij zelfs Engels.

Met de muziektherapie zijn we verder gegaan. In het Papageno Huis in Laren komen dagelijks 50 tot 60 jongeren over de vloer. Op termijn willen we in elke provincie in Nederland zo’n huis oprichten. We werken met 35 muziektherapeuten. Veel Kinderen met autisme kunnen moeilijk direct contact leggen. Iemand in de ogen kijken, bijvoorbeeld. Via muziek maken we wel een verbinding: een therapeut speelt op een trommeltje, het kind reageert via zijn trommeltje. Zo leert het contact te maken met anderen.”

Was het voor u moeilijk het autisme van uw zoon te aanvaarden? Veel ouders gaan door een ontkenningsfase.

“Wat is, kan je moeilijk ontkennen. Het is wel een confrontatie met jezelf. Alsof Onze-Lieve- Heer zei: ‘Van Zweden, je denkt dat je alles voor elkaar hebt in het leven, kijk dan maar eens hoe je hier mee omgaat. Deal with it.’

Ik heb me nooit afgevraagd: ‘waarom ik’? Mijn vrouw en ik hebben het geaccepteerd en zijn snel aan het werk gegaan om het leven voor hem zo aangenaam en tegelijkertijd zo uitdagend mogelijk te maken. Dat is een enorme weg die je bewandelt. Met tranen soms, dat verheel ik niet. Maar de Stichting en wat we voor andere jongeren met autisme doen, heeft ook verlichting gegeven. De loden last kreeg vleugels en is daardoor gaan vliegen.

Voor ons was het meteen duidelijk dat we niet alleen voor onze eigen zoon zouden zorgen, maar ook voor andere kinderen met autisme. Zo staan mijn vrouw en ik in het leven. Of er een hemel is met een man met een lange baard weet ik niet. Ik weet wel dat na het leven nog iets volgt. Je zal er worden beoordeeld op wat je in het leven aan anderen hebt gegeven. Niet op wat je hebt gekregen.

In het omgaan met mensen met autisme moet je als een detective op zoek naar contact. Dat werkt alleen als je een happy detective bent, zoals ik dat noem. Als ik Benjamin benader met mijn frustraties omdat hij niet het perfecte plaatje is, slaat hij op tilt. Die instelling hebben mijn vrouw en ik niet op de eerste dag gekregen, hoor. We zijn een tijd naar een psychiater geweest om te leren hoe we moeten omgaan met autisme.

Het was alsof Benjamin zei: ‘Als jullie contact met mij willen, moeten jullie eerst maar eens goed naar jullie zelf kijken.’ Dat was ook voor ons als koppel belangrijk. 75 procent van de echtparen met een gehandicapt kind scheidt. Dat wilden we absoluut niet. Het is ook niet gebeurd, daarvoor houden we te veel van elkaar.”

Het gehele interview lees je hier

Tekst: Koen van Boxem, De Tijd Fotografie: Brecht van Male